Danny de Munk is tot ’inkeer’ gekomen. „Ik ben weer terug bij dat kleine Amsterdamse schoffie dat ik was toen ik 26 jaar geleden Ciske werd”, zegt de 39-jarige zanger. „Hoe ouder ik word, hoe sentimenteler ik ben. Ik wilde terug naar mijn wortels. Het accentloze Nederlands dat ik sprak, heb ik overboord gekieperd. Ik acteer alleen nog maar als ik op de planken sta.”
„Laatst zat ik in de kleedkamer met
Henk Poort,
Peter Beense en
Koos Alberts. Alle drie Amsterdammers in hart en nieren. De ene na de andere kwajongensgrap vloog door de kamer. Ik zat te genieten. Daar hou ik van, zo bén ik. Ik was erg benieuwd hoe het publiek het zou vinden als ik niet langer die gepolijste jongen zou zijn. Maar mijn album Hart en Ziel is goud geworden. Daarmee geven ze mij het signaal dat ze me accepteren zoals ik ben.”
„Eigenlijk ben ik begonnen aan het derde boek van mijn leven”, zegt de 39-jarige zanger. „Als jonge puber werd ik Ciske de Rat. Daarna heb ik me als musicalster ontwikkeld en nu ben ik weer terug bij mezelf. Het Amsterdamse accent dat ik thuis wel had, maar buiten de deur niet gebruikte, is weer helemaal terug en dat blijft ook zo.”
„Dat komt eigenlijk door Ciske de Musical waarin ik afwisselend met Jorge Verkroost en zanger
Quincy de volwassen Ciske speel. Toen ik opnieuw in zijn huid kroop, besefte ik pas hoe fijn ik het vond om die Amsterdamse kant van mezelf weer te laten zien.”
„Dit inzicht kwam natuurlijk niet van de ene op de andere dag”, erkent Danny. „Ik heb diep nagedacht over de kant die ik op wilde gaan. Ik heb een talent, geen opleiding in dit vak. Sommigen noemen het een midlifecrisis. En misschien heeft het daar ook wel mee te maken. Maar ik heb het niet als negatief ervaren, want ik was niet ongelukkig met mijn leven of mijn carrière. Ik vond het alleen wel tijd voor een verandering.”
„Daarom ben ik het afgelopen jaar teruggegaan naar mijn wortels. Hart en Ziel, waarmee ik voor het eerst sinds twaalf jaar een cd met het levenslied maakte, was de eerste stap. Nu ga ik de volgende nemen, want ik ben bezig met een nieuw album dat Dit is mijn leven gaat heten. Aansluitend daarop sta ik volgend jaar april in de Heineken Music Hall in Amsterdam. Een prachtig vervolg op Hart en Ziel.”
Naast het zingen, staat Danny totdat Ciske de Musical eind november stopt op het toneel én wordt er opnieuw een docusoap over hem en zijn gezin gedraaid. „Het is een gekkenhuis”, lacht hij. „Jenny en ik zijn aan het verbouwen in ons nieuwe huis, dat in dezelfde straat tien woningen verderop staat. We hebben daar nét even wat meer ruimte en dat is met onze twee opgroeiende kinderen Bo en Davey heel welkom.”
Danny en Jenny klussen veel zelf. „Ik heb met een jekker de plavuizen uit de keuken gehaald. Samen met mijn zwager stond ik op zondag in een enorme stofwolk te werken. Ik stikte zowat terwijl de brokstukken om mijn oren vlogen. Omdat de winkels dicht waren, konden we geen veiligheidsbrillen kopen. We hebben uiteindelijk duikbrillen gevonden die onze ogen moesten beschermen. We leken Darth Vader uit StarWars wel.”
„Ook hebben we eigenhandig de tuin helemaal leeg getrokken”, vervolgt Danny, terwijl hij wijst op de blaren die het enorme karwei zijn handen heeft bezorgd. „Inmiddels ligt die helemaal vol zand zodat er bestraat kan worden. In het midden hebben we een vijver gemaakt. Tussen de bedrijven door kwam Bananasplit langs. We hadden verzuimd om een vergunning voor de vijver aan te vragen, zeiden ze. Ze goochelden met liters en diameters en omdat ik voor geen meter kan rekenen, liet ik me overbluffen. Toen ik
Frans Bauer zag, wist ik natuurlijk genoeg. Hij had me écht tuk.”
Er wacht Danny nóg een taak voordat hij verhuist. „Het hondje dat tijdens de eerste reeks overleed en in de tuin ligt begraven, willen we hier niet achterlaten. Dat beestje hoort bij ons. Dat wordt dus spitten.”
Ligt er na Ciske, de soap, het concert en het album een musicalrol voor je in het verschiet? Of zet je musical, nu je terug bent gegaan naar je roots, op een laag pitje?
„Voor musical blijf ik altijd open staan. Wel let ik nu wat meer op of een rol écht bij mij, als jongen van de straat, past. Een rol als Robin Hood is voor mij echt de ’ver-van-mijn-bedshow’.”